De Adviescommissie Restitutieverzoeken Cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog (hierna: de Restitutiecommissie) adviseert over verzoeken tot restitutie van cultuurgoederen, die onvrijwillig zijn verloren als gevolg van het naziregime. De Restitutiecommissie bestaat sinds haar oprichting in 2001 uit maximaal zeven leden. De Restitutiecommissie adviseert aan de hand van het beoordelingskader, dat is opgesteld in reactie op het advies van de Raad voor Cultuur en de commissie-Kohnstamm uit 2020. Gezien de samenstelling van de commissie wordt op dit moment gezocht naar twee leden.
- Eén lid met een specialisatie in (cultuur) geschiedenis of kunstgeschiedenis, die beschikt over een wetenschappelijke opleiding en ervaring als onderzoeker.
- Eén lid met een wetenschappelijke juridische opleiding met kennis van het erfrecht en een gezaghebbende reputatie als jurist.
Van leden van de Restitutiecommissie wordt verwacht dat deze:
- Beschikken over kennis van de problematiek rond de restitutie van in de Tweede Wereldoorlog geroofde kunst;
- Beschikken over kennis van de geschiedenis van nazi-Duitsland en de Tweede Wereldoorlog;
- Oog hebben voor de politieke, bestuurlijke en maatschappelijke gevoeligheid van het werkterrein (zowel nationaal als internationaal);
- Een waardevolle inbreng leveren op het werkterrein van de Restitutiecommissie;
- Een onafhankelijk oordeel vormen en over het vermogen beschikken om dit adequaat te verwoorden;
- Vaardig zijn in het Engels en het lezen van Duits;
- Beschikken over goede schrijfvaardigheid;
- Gericht zijn op het werken in teamverband;
- Omgevingssensitief en maatschappelijk betrokken zijn;
Van het lid met een (cultuur) historisch of kunsthistorisch profiel wordt verwacht dat deze:
- Beschikt over een academisch werk- en denkniveau;
- Aantoonbare onderzoekservaring heeft;
- Historische expertise over de Tweede Wereldoorlog inbrengt waarmee een wezenlijke bijdrage aan de werkzaamheden van de commissie kan worden geleverd. Dan wel; Kunsthistorische expertise met kennis over kunsthandel en/of (het beheer van) collecties;
Van het lid met een juridisch profiel wordt verwacht dat deze:
- Beschikt over een wetenschappelijke juridische opleiding en een gezaghebbende reputatie als jurist;
- Specifieke kennis van (internationaal) familie- en erfrecht, zo mogelijk ook de wetgeving terzake in het oud-B.W.
Organisatieomschrijving:
De Restitutiecommissie adviseert over verzoeken tot restitutie van cultuurgoederen, die onvrijwillig verloren zijn gegaan als gevolg van het naziregime. Cultuurgoederen waarvan de voormalige eigenaar als gevolg van het naziregime na roof, inbeslagname of (gedwongen) verkoop het bezit verloor, kunnen vandaag de dag in bezit zijn van de Nederlandse Staat (rijkscollectie), een provinciale of gemeentelijke overheidsinstelling, een stichting of een particulier. Een verzoek tot restitutie van dergelijke cultuurgoederen kan sinds 2001 aan de Restitutiecommissie worden voorgelegd voor onafhankelijk (bindend) advies. De leden van de Restitutiecommissie worden benoemd door de minister van OCW. De Restitutiecommissie opereert echter onafhankelijk van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. De Restitutiecommissie telt maximaal zeven leden. Bij de benoeming van commissieleden wordt er rekening mee gehouden dat de Restitutiecommissie beschikt over historische, kunsthistorische, algemeen maatschappelijke en juridische kennis en vaardigheden.
De leden van de Restitutiecommissie vergaderen doorgaans één keer per maand. Gemiddeld vergt het werk van een lid ongeveer een halve à één dag per week. Het onderzoek en de feitenrapporten worden voorbereid en geschreven door onderzoekers. De adviezen worden geschreven door de secretarissen van de Restitutiecommissie, in samenspraak met de commissie.
De Restitutiecommissie heeft twee taken. Enerzijds adviseert de Restitutiecommissie de minister van OCW op diens verzoek over individuele verzoeken tot restitutie van cultuurgoederen die in het bezit van de Staat zijn. Anderzijds geeft de Restitutiecommissie bindend adviezen over verzoeken tot restitutie van cultuurgoederen uit provinciale, gemeentelijke of andere collecties. In de advisering zijn de Jodenvervolging, het daarmee samenhangende onvrijwillig bezitsverlies van cultuurgoederen en de omgang hiermee na de Tweede Wereldoorlog belangrijke aspecten.
De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft het beoordelingskader voor restitutieverzoeken neergelegd in het Instellingsbesluit van de Restitutiecommissie. Dit beoordelingskader wordt gebruikt door de Restitutiecommissie bij de behandeling van restitutieverzoeken. Wat betreft de werkwijze van de Restitutiecommissie is goed contact met verzoekers, met oog voor het leed als gevolg van de Tweede Wereldoorlog, van essentieel belang.
Overige bijzonderheden:
- Leden van de Restitutiecommissie mogen geen deel uitmaken van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap of werkzaam zijn onder de verantwoordelijkheid van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
- Leden van de Restitutiecommissie mogen geen functioneel of persoonlijk belang hebben bij het werk van de Restitutiecommissie.
- De selectieprocedure wordt uitgevoerd door een onafhankelijke Benoemingsadviescommissie die de minister van OCW adviseert over de invulling van de vacatures.
- Benoeming geschiedt door de minister van OCW voor een periode van maximaal vier jaar. Herbenoeming is eenmaal mogelijk.
- De vergoeding voor de bekleding van deze positie wordt vastgesteld conform de Vergoedingenregeling Restitutiecommissie.
- De gesprekken worden in principe ingepland op 25 september 2026.
Acquisitie naar aanleiding van deze advertentie wordt niet op prijs gesteld.
Inlichtingen zijn verkrijgbaar bij:
A.I.M. (Toon) van Mierlo, voorzitter van de Restitutiecommissie
Telefoon: 070-3765992
E-mail: info@restitutiecommissie.nl
Voor vragen over de werkzaamheden binnen deze functie in relatie tot het Ministerie van OCW kunt u zich wenden tot:
Remko de Haan, afdelingshoofd bij de directie Erfgoed en Kunsten van het ministerie van OCW.
E-mail: r.b.dehaan@minocw.nl
Telefoon: 06-29411723
Uw interesse kunt u kenbaar maken door uw cv, voorzien van een korte toelichting, uiterlijk 30 augustus 2026, te zenden aan:
beleidsondersteuning directie Erfgoed en Kunsten
E-mail: beleidsondersteuningeenk@minocw.nl
t.a.v. Mevrouw H. Troostwijk, voorzitter van de Benoemingsadviescommissie