Beslissing inzake elf majolica schotels

Beslissing van de Adviescommissie Restitutieverzoeken Cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog te Den Haag (hierna: de commissie) op het verzoek om advies van XX en de gemeente Rotterdam inzake het geschil over teruggave van elf majolica schotels

Dossiernummer: 
RC 3.153
Soort advies: 
Anders
Adviesdatum: 
1 februari 2016

 

1.         Bij brief van 14 januari 2015 heeft XX, wonend te YY, ZZ, volgens zijn verklaring mede handelend namens door hem genoemde familieleden, de commissie verzocht om advies uit te brengen over zijn tot de gemeente Rotterdam (hierna: de gemeente) gericht verzoek om teruggave van elf majolica schotels. Bij brief van 27 februari 2015 heeft mr. L.F. Kruidenier, namens de gemeente een gelijkluidend verzoek om advies gedaan aan de commissie. De majolica schotels behoren tot de gemeentelijke collectie en zijn in beheer bij het Museum Boijmans Van Beuningen. De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (hierna: de minister) heeft bij mail van 18 maart 2015 aan de commissie laten weten in te stemmen met de behandeling van het geschil door de commissie.

2.         Op grond van artikel 2 tweede lid, van het Besluit adviescommissie restitutieverzoeken cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog van de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen van 16 november 2001 (hierna: het Instellingsbesluit), heeft de commissie tot taak om op verzoek van de minister advies uit te brengen over geschillen tot teruggave van cultuurgoederen tussen de oorspronkelijke eigenaar die door omstandigheden die direct verband hielden met het naziregime onvrijwillig het bezit verloor of diens erfgenamen en de huidige bezitter niet zijnde de Staat der Nederlanden.
           
3.         In het kader van bovengenoemde taak heeft de commissie op grond van artikel 4, tweede lid van het Instellingsbesluit een Reglement inzake de adviesprocedure vastgesteld.
            Op grond van artikel 5, derde lid, van het Reglement, neemt de commissie na voorlegging door de minister het geschil in behandeling nadat alle partijen schriftelijk hebben verklaard het Reglement te aanvaarden en het door de commissie te geven advies als bindend te aanvaarden.
            Op grond van het vierde lid wordt het geschil niet in behandeling genomen indien partijen niet binnen vier weken na een daartoe strekkend verzoek voldoen aan het bepaalde in het derde lid.
            Op grond van het vijfde lid kan de commissie de termijnen verlengen.

4.         De gemeente heeft bij haar adviesverzoek een besluit van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente van 3 februari 2015 overgelegd, waarin het college verklaart het Reglement te aanvaarden en het door de commissie te geven advies als bindend te aanvaarden.

5.         De commissie heeft XX bij brieven van 9 april 2015, 24 september 2015 en 17 december 2015 verzocht schriftelijk te verklaren het Reglement te aanvaarden en het door de commissie te geven advies als bindend te aanvaarden. In deze laatste brief heeft de commissie aangegeven dat, indien niet uiterlijk op 31 januari 2016 aan dit verzoek is voldaan, zij zich genoodzaakt zal voelen om, in overeenstemming met artikel 5, vierde lid, van het Reglement, te beslissen om het geschil niet in behandeling te nemen. De commissie heeft afschriften van deze brieven aan de gemeente gestuurd. Op voormelde brief van 17 december 2015 heeft de commissie geen reactie ontvangen.

6.         Nu niet is voldaan aan het vereiste dat alle partijen schriftelijk hebben verklaard het Reglement te aanvaarden en het door de commissie te geven advies als bindend te aanvaarden, zal de commissie het geschil niet in behandeling nemen.

7.         De commissie merkt hierbij nog het volgende op. Indien XX alsnog mocht voldoen aan het in artikel 5, derde lid, van het Reglement bepaalde en het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente alsdan zijn besluit van 3 februari 2015 niet heeft ingetrokken, zal de commissie het verzoek alsnog in behandeling nemen.

 

BESLISSING

De commissie neemt het verzoek om advies van de gemeente Rotterdam en XX inzake het geschil over teruggave van elf majolica schotels niet in behandeling.

Aldus vastgesteld op 1 februari 2016 door W.J.M. Davids (voorzitter), J.Th.M. Bank, R. Herrmann, P.J.N. van Os, E.J. van Straaten en H.M. Verrijn Stuart, en ondertekend door de voorzitter en de secretaris.

(W.J.M. Davids, voorzitter)                          (R.A.M. Nachbahr, secretaris)